Posts tonen met het label Athanasius. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Athanasius. Alle posts tonen

zaterdag 12 september 2015

12-09; Boek IV.4.11 - IV.5.1

Twee dagen later, er stonden vier dagen deze week, dus ik nam het er lekker van. Nu gaan we met Calvijn wat dieper de kerkgeschiedenis in wat betreft het ambt.

[11] Uit de geschiedenis, zoals het Concilie van Antiochië, is duidelijk te zien en vastgelegd dat er nooit een bisschop is gekozen tegen de wil van het volk in. Bij Augustinus en in de kerkelijke geschiedenis van Theodoretus is te zien dat bisschoppen hun opvolger mochten aanwijzen, maar deze nog steeds de instemming van het volk nodig had.

[12] Er is wel op het Concilie van Laodicea een besluit genomen om de verhoudingen geestelijkheid/volk in een besluit in balans te houden. De geestelijken maakten een keuze, deze werd voorgelegd aan de overheid, raad of de leiders. Na goedkeuring werd de zaak aan het volk voorgelegd. De kans op tumult of een verdeling in twee kampen van het volk werd zo voorkomen. Het volk werd ook van te voren geraadpleegd om geschikte kandidaten te vinden. Ook Leo I schrijft hierover.

[13] Deze manier van verkiezen was lang in gebruik gebleven, ook bij Gregorius in de zesde eeuw. Er zijn zo nog rondom het jaar duizend pausen verkozen. Alleen in Rome en Constantinopel was toestemming van de keizer nodig, omdat hij daar woonde. Ambrosius heeft ooit een keer in een ernstig verdeelde stad toezicht gehouden, maar dat was een noodsituatie. Dat soms de keizer om toestemming van een wijding werd gevraagd, is niet in tegenspraak met de regels, deze verhinderen juist dat een vorst buiten de kerkelijke regels om zomaar iemand kan aanstellen met machtsmisbruik. Dit is iets anders dan een keizer te eren met het bekrachtigen van een wettige verkiezing met zijn gezag.

[14] De wijding in de vroeger Kerk vond plaats met de metropoliet en de bisschoppen uit de provincie, zoals ook was vastgelegd in het Concilie van Nicea. Het blijkt dat ze vroeger ook bij de verkiezing aanwezig waren. Dit is wel in onbruik geraakt, reizen was niet zo makkelijk als nu en mensen konden in deze gang van zaken misbruik maken van de situatie. Cyprianus vermeldt dat het daarom voldoende was voor de andere bisschoppen om aanwezig te zijn bij de wijding en daar ook het onderzoek naar leer en leven te houden.

[15] Later vond de verbastering van deze gewoonte ingang, namelijk om na de verkiezing in de hoofdstad een verzoek tot wijding in te dienen. Dit ontspoorde later zo dat alle bisschoppen van Italië naar Rome gingen om hun verzoek toen Rome machtiger werd. Milaan deed niet mee an deze dingen. De Ceremonie bestond uit het opleggen van handen, van iets anders is niets te lezen. Bisschoppen hadden een plechtiger gewaad aan waardoor ze te onderscheiden waren van andere presbyters. Elke bisschop ordende zijn eigen presbyters en diakenen. Een presbyter en een bisschop verschilden alleen in de mogelijkheid die de laatste had om mensen te ordenen.

[1] Bovenstaande is ernstig vertekent onder het pausdom ten tijde van Calvijn. Dit laat hij zien door te onderzoeken hoe mensen nu tot bisschop kan worden gewijd. Een onderzoek is niet meer aan de orde. Daardoor zijn er laatste honderd jaar(toen) weinig bisschoppen gewijd met theologische kennis. Ook over het leven valt vaak wat te zeggen. Er zijn zelfs met toestemming van de paus jongens van nauwelijks tien jaar tot bisschop gewijd. Wie dit precies is weet ik niet, maar het klinkt ook in mijn oren als een slecht idee. Calvijn vindt dat de eerbied voor God bij de verkiezingen weg is.

Volgende week lezen we boek IV.5.1 - IV.5.7

Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com

donderdag 30 juli 2015

30-07; Boek III.20.31 - III.20.36

[31] Praten of zingen tijdens het bidden, het maakt niet uit, als het maar uit je hart komt en niet oppervlakkig over je lippen. Praten of zingen kunnen hulpmiddelen zijn om de gedachtes op God te richten. Vooral het hardop spreken is tijdens openbaar gebed het handigst zodat iedereen als het ware met één mond bidt.

[32] Zingen in de kerk is een heel oud gebruik, in de apostolische kerk zong men al in de kerk. Toch is het niet wijd verspreid gebruik geweest, het is pas ten tijde van Ambrosius van Milaan opgekomen, toen zijn kerk in tijden van vervolging lange nachtwaken hield. Augustinus was zich bewust van het gevaar dat mensen meer met de lippen en voor de oren zouden kunnen zingen in plaats van met het hart en voor God. Maar de gewoonte van Athanasius, zo vlak mogelijk voorlezen, was toch ook niet wat hij stichtelijker vond.

[33] Bidden moet dan ook in de volkstaal gebeuren zodat het tot opbouw van iedereen kan zijn. De roomsen(van die tijd) baden in het Latijn, soms zelfs zonder dat de priester er zelf iets van begreep. In 1 Kor. 14 wijst Paulus op dat de talen die sommige spreken niet alleen vanuit de geest moeten zijn, maar ook met het verstand, dus het gebed moet begrijpelijk zijn. God wil geen gebruik van lippen zonder het hart. In openbare en persoonlijke gebeden(alhoewel in persoonlijk gebed de lippen niet noodzakelijk zijn). Calvijn kent ook de ervaringen van heiligen tijdens het bidden dat mensen beginnen te hakkelen en de tong door sterke drang gaat spreken en mensen gebaren gaan maken. De gebaren die het meest nuttig zijn zijn het ontbloten van het hoofd en knielen. Zou dit het calvinistische equivalent zijn van het spreken in tongen?

[34] De manier van bidden is niet alleen belangrijk, maar ook de vorm. En de beste vorm is het Onze Vader. Daarin wordt de goedheid van de Vader geleerd en onze nood. Plato was een heiden maar wel een die het snapte dat als de gebeden van de mensen werden verhoord het niet al te best zou zijn. Plato kende een wijs gebed dat wel wat wegheeft van de 'Serenity Prayer' die wij vandaag kennen. Daarom boffen we met het Onze Vader omdat hierin wordt geleerd wat we mogen vragen en wat we niet hoeven te vragen.

[35] Calvijn verdeelt het Onze Vader in 6 beden, in tegenstelling tot Augustinus, want er zit een voegwoord hier en een exegetische eenheid daar. De eerste drie beden gaan over Gods eer en daar moeten we dan op gericht zijn en niet onze eer. De andere gaan over wat wij ter nutte van ons mogen vragen. Maar toch ligt in de heiliging van Gods naam onze eigen heiliging.

[36] 'Onze Vader die in de hemelen zijt'. Het Onze Vader kan alleen maar om Christus' wil gezegd worden. God laat Zich aanspreken als Vader en laat daarmee zien dat Hij te vertrouwen is en genegen is naar Zijn kinderen. God laat Zijn kinderen niet in de stek want Hij kan Zichzelf niet verloochenen. Ergens anders onze hulp zoeken is een verwijt, net zoals een zoon die zich bij een vreemde laat verzorgen een verwijt van armoede en wreedheid  is aan het adres van zijn vader.

Morgen lezen we boek III.20.37 - III.20.42

Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com