Posts tonen met het label lijden. Alle posts tonen
Posts tonen met het label lijden. Alle posts tonen

maandag 15 juni 2015

15-06; Boek III.7.8 - III.8.3

Week 24 van Lectio Calvini.

Calvijn gaat verder over de zelfverloochening, en dan te beginnen met het gedeelte dat betrekking heeft op God[8]. Allereerst moeten we ons oordeel en onze hartewensen overleveren aan God. God zal onze verlangens temmen en bedwingen, en blijkbaar dus niet vervullen. Mensen willen graag voorspoed verkrijgen en armoede voorkomen. Maar christenen moeten niet denken uit een andere bron dan de zegen van God voorspoed te krijgen, daar moeten ze op vertrouwen. Op een andere manier rijk worden lukt wel, maar levert niks op, Gods vloek rust erop.

[9]We moeten ons meer laten lijden door de voorzienigheid en onze ogen gevestigd houden op de Heere. Dat voorkomt dat we op ongeoorloofde manier goederen of een positie bemachtigen. Het temt ook onze verlangens, en het bewaard ons voor ongeduld.

[10]Niet alleen daarin moeten we met kalmte en verdraagzaamheid vroom blijvenm maar ook in alle ellende die de mens in dit leven kan overkomen. Honger, ziekte, verlies van naaste. Een moet altijd op Gods goedheid zien en niet met God gaan twisten. Misschien lezen we hier ook wel waarom Calvijn geen commentaar op Job heeft achtergelaten. Een christen moet in ieder geval niks toeschrijven aan de fortuin, het lot.

[1]Een christen moet nog hoger reiken en Christus navolgen die ieder roept om zijn kruis te dragen. Christus Zelf droeg ook Zijn kruis, Zijn hele verblijf op aarde was een beproeving en kruisdragen. Door ons kruisdragen worden wij aan Christus gelijkvormig. Het is een troost dat we in alle rampen gemeenschap hebben aan het lijden van Christus. Deze troost wordt groter naarmate ons kruis groter wordt.

[2]Christus droeg Zijn kruis alleen maar uit gehoorzaamheid, wij dragen ons kruis om andere redenen. Zo tekent het onze zwakheid, zodat we niet op het vlees vertrouwen. door hun rkuis worden gelovigen op hun zwakheid gewezen met maken ze zich los van het vlees en keren zich tot Gods genade.

[3]Maar verdrukkingen werken geduldige volharding en volharding verwerkt beproefdheid. God heeft volharding belooft en dat merken de heiligen in verdrukking ook. Zo wordt Gods trouw zichtbaar. Kruisdragen is zo een noodzakelijke oefening, of praktijk(dat is hoe het anno nu genoemd wordt; https://josdouma.wordpress.com/2015/06/03/geloven-in-praktijken-1/ ). Afzien van jezelf en volledig vertrouwen op God, daar volharding en zekerheid in ervaren.

Morgen lezen we Boek III.8.4 - III.8.10

Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com

dinsdag 9 juni 2015

09-06; Boek III.5.3 - III.5.8

[3]Paus Leo en augustinus voeren aan dat de dood van de één geen gerechtigheid voor de ander oplevert, tenzij het Christus betreft. Maar hier gaat het om martelaren. Het bloed van de martelaren zou waardeloos zijn als het geen gerechtigheid opleverde, wat Calvijn het mengen van het bloed van Christus met bloed van heiligen noemt. Maar het bloed van de martelaren heeft waarde als getuigenis, niet als verzoening voor anderen.

[4]Kol. 1:24 is een kerntekst. Dit is niet dat het lijden van Christus aanvulling nodig heeft. Het gaat om wat de leden van Christus, de gelovigen, dagelijks nog lijden wat Christus in Zichzelf heeft gelden, het gaat over de beproevingen van christenen. Augustinus leerde dit al.

[5]Paulus predikte Christus als verzoening en bron van alle hemelse goederen, daarmee staat dit lijnrecht tegenover de aflaten van lood en perkament. Het is een ontsporing van de genoegdoeningen die boetelingen moesten doen en verlichting(een aflaat, indulgentia) konden vragen. Later werd dit op God betrokken.

[6]Omdat de aflaten niet waar is, is het vagevuur ook niet waar. Calvijn stelt dat het vagevuur eerst verzonnen is en daarna door verdraaiing van teksten gepoogd werd deze Bijbels te funderen. God wil niet dat mensen zo diep zoeken en doden raadplegen. En het is weer iets wat van het kruis van Jezus afleidt.

[7]NT-teksten over de zonde tegen de Heilige Geest laten zien dat er dus wel zonden zijn die in het hiernamaals kunnen worden vergeven, aldus vagevuur-theologen. Maar Jezus spreekt met een stijlfiguur over het oordeel van het geweten en het Laatste Oordeel. De tweede tekst uit het NT is Matth. 5:25, het is geen schets van wie wie(duivel, God, engel, Jezus) is in de opstelling van een rechtbank, maar wat voor een onzin is om je gelijk te blijven halen terwijl je billijkheid en eendracht moet zoeken.

[8] Ook de tekst dat elke knie voor Jezus zal buigen laat met het 'onder de aarde' het vagevuur zien. Maar Paulus bedoelt niet het uitboeten, maar hij bedoelt hoe vroomheid is. In Openbaringen, gaat het dan weer over redeloze en onbezielde schepselen. Bewijs uit de Maccabeeën wil Calvijn niet aan, omdat hij het boek niet erkend als canoniek. Hiervoor vindt hij steun bij Augustinus, omdat de Joden het boek niet rekende tot Wet, Profeten of Psalmen(die alledrie wel van Christus getuigden). Hieronymus vond dat je er geen dogma's mee kon ondersteunen en Cyprianus erkende het niet als canoniek. Maar hoofdpersoon Judas offet ook niet omwille het vagevuur als losprijs, maar in hoop op het eeuwige leven.

Morgen lezen we boek III.5.9 - III.6.1

Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com