Ja, een wat drukker dagje gister. Vandaag wat Bijbelteksten die schijnbaar tegen de kinderdoop pleiten.
[25] Eerste tekst is Joh. 3:5. De tegenstanders zeggen dat dit bewijst dat de wedergeboorte verplicht is voor iemand die gedoopt wordt. Maar deze tekst gaat over het werk van de Heilige Geest dat met water te vergelijken is, net als in Matth. 3 het gaat over Geest en vuur. Maar zelfs als hun uitleg wordt gevolgd gaat de tekst erover dat de geestelijke goederen na het Sacrament komen.
[26] Ongedoopte mensen krijgen niet per definitie de eeuwige dood als ze sterven voor hun Doop. Een kind dat opgevoed wordt geloofd en geleerd wordt over God en vlak voor de Doop sterft, die zal niet onder het oordeel vallen, want het geloofde. Nergens is iets over de noodzakelijkheid van de Doop te vinden, wel over het grote belang ervan, dus het is geen reden om je kinderen niet te laten dopen.
[27] Maar ze verdedigen dit punt met een beroep op Matth. 28:19. Calvijn vindt dat ze te vast aan de volgorde van woorden hangen. En in die lijn kent Calvijn er nog eentje waarin hij precies doet wat de Bijbel vraagt, namelijk mensen dopen en hen leren te onderhouden wat Jezus geboden heeft.
[28] Mark. 16:16 gaat niet over kinderen, wel over het dopen en dat de Doop ter ondersteuning is bij het leerambt. De tekst, concludeert Calvijn gaat niet over het wel of niet dopen van kinderen.
[29] Je onthoudt kinderen toch ook geen voedsel omdat de apostel zegt dat alleen die werkt zal eten(2 Thess. 3:10). Dat is lukrake exegese. Jezus werd weliswaar op 30-jarige leeftijd gedoopt, maar dit was aan het begin van Zijn bediening en heeft zo de Doop willen inzetten. De Doop is dus gekoppeld aan de prediking.
[30] Maar de wederdopers vinden dan dat de kinderen ook aan het Avondmaal moeten deelnemen. Wat vroeger ook gebeurde, maar is afgeschaft. De Doop is een soort van intrede-rite met het teken van de wedergeboorte. Avondmaal is daarentegen voor de ouderen die vast voedsel kunnen verdragen. Het gaat erin het Avondmaal om dat het lichaam van Jezus te onderscheiden is en het geweten te onderzoeken en de dood van de Heere te verkondigen en overdenken. Hiervoor moet je toch wat ouder zijn. Doop en Avondmaal zijn toch andere dingen, en corresponderen hiermee met de OT besnijdenis en Pascha maaltijd.
Morgen lezen we boek IV.16.31 - IV.16.32
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
woensdag 11 november 2015
maandag 9 november 2015
09-11; Boek IV.16.20 - IV.16.24
En we beginnen met de 45ste week van Lectio Calvini.
[20] De wederdopers zagen voort op het laatstgenoemde argument van vorige weer, nu noemen ze de Doop het Sacrament van geloof en wedergeboorte, maar deze komen niet voor bij hele jonge kinderen. Dit is iets wat Calvijn meer vindt dat ze tegen God zeggen Die de besnijdenis, ook een teken van geloof en wedergeboorte, heeft ingesteld. Ook gaat de Doop bij kinderen over iets waar ze zich later op toe moeten leggen. In de bijbel was de besnijdenis er niet alleen voor de wedergeboren mensen.
[21]God laat geen van Zijn uitverkorenen onwedergeboren het leven verlaten. En kinderen die gedoopt zijn worden op de passende leeftijd aangespoord om te streven naar vernieuwing van het leven. Paulus heeft het over de Doop als begraven worden met Christus, maar dit legt hij dan wel twee keer uit aan gedoopte mensen. Zo is het ook met de besnijdenis, zelfde inhoud, aan baby's en een teken van een goed geweten, maar de zaak van het Sacrament ligt daarvoor dus in de toekomst. Je moet niet de tijdsvolgorde vooraf laten gaan aan de zaak waarnaar het Sacrament wijst.
[22] Een ander tegenargument is dat de Doop tot vergeving van zonden is. Juist dat pleit voor de kinderdoop, want kinderen worden ook zondig geboren en ontvangen ook vergeving, dan moet men hen het teken daarvan ook niet onthouden. En in Eg. 5:26 heeft Paulus het over de Kerk. Dus inclusief de kinderen.
[23] De wederdopers halen voorbeelden uit Handelingen aan om te laten zien dat er eerst boete en geloof moet zijn. Maar dat volgt niet uit de teksten op zichzelf volgens Calvijn en als ze samengelezen moeten worden, moeten er nog meer teksten bij gelezen worden. Buiten dat, de gedoopte mensen in de voorbeelden zijn van een andere categorie dan kinderen.
[24] Het verschil tussen een volwassenedoop en een kinderdoop is te zien bij Abraham en Izaäk die allebei op een andere manier door God in het verbond komen. Abraham krijgt vanuit billijkheid eerste de inhoud van het verbond te horen, zoals volwassenen dat ook krijgen te horen. En Izaäk krijgt het als erfgenaam, omdat hij binnen het verbond geboren wordt. Zoals het gebeurt bij kinderen. Kinderen van gelovige ouders zijn erfgenaam door geboorte, kinderen van ongelovige ouders zijn dit niet.
Morgen lezen we boek IV.16.25 - IV.16.30
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[20] De wederdopers zagen voort op het laatstgenoemde argument van vorige weer, nu noemen ze de Doop het Sacrament van geloof en wedergeboorte, maar deze komen niet voor bij hele jonge kinderen. Dit is iets wat Calvijn meer vindt dat ze tegen God zeggen Die de besnijdenis, ook een teken van geloof en wedergeboorte, heeft ingesteld. Ook gaat de Doop bij kinderen over iets waar ze zich later op toe moeten leggen. In de bijbel was de besnijdenis er niet alleen voor de wedergeboren mensen.
[21]God laat geen van Zijn uitverkorenen onwedergeboren het leven verlaten. En kinderen die gedoopt zijn worden op de passende leeftijd aangespoord om te streven naar vernieuwing van het leven. Paulus heeft het over de Doop als begraven worden met Christus, maar dit legt hij dan wel twee keer uit aan gedoopte mensen. Zo is het ook met de besnijdenis, zelfde inhoud, aan baby's en een teken van een goed geweten, maar de zaak van het Sacrament ligt daarvoor dus in de toekomst. Je moet niet de tijdsvolgorde vooraf laten gaan aan de zaak waarnaar het Sacrament wijst.
[22] Een ander tegenargument is dat de Doop tot vergeving van zonden is. Juist dat pleit voor de kinderdoop, want kinderen worden ook zondig geboren en ontvangen ook vergeving, dan moet men hen het teken daarvan ook niet onthouden. En in Eg. 5:26 heeft Paulus het over de Kerk. Dus inclusief de kinderen.
[23] De wederdopers halen voorbeelden uit Handelingen aan om te laten zien dat er eerst boete en geloof moet zijn. Maar dat volgt niet uit de teksten op zichzelf volgens Calvijn en als ze samengelezen moeten worden, moeten er nog meer teksten bij gelezen worden. Buiten dat, de gedoopte mensen in de voorbeelden zijn van een andere categorie dan kinderen.
[24] Het verschil tussen een volwassenedoop en een kinderdoop is te zien bij Abraham en Izaäk die allebei op een andere manier door God in het verbond komen. Abraham krijgt vanuit billijkheid eerste de inhoud van het verbond te horen, zoals volwassenen dat ook krijgen te horen. En Izaäk krijgt het als erfgenaam, omdat hij binnen het verbond geboren wordt. Zoals het gebeurt bij kinderen. Kinderen van gelovige ouders zijn erfgenaam door geboorte, kinderen van ongelovige ouders zijn dit niet.
Morgen lezen we boek IV.16.25 - IV.16.30
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
vrijdag 6 november 2015
06-11; Boek IV.16.14 - IV.16.19
[14] OVer het wel of niet kind zijn van Abraham en op welke manier brengt Calvijn in zijn verdere betoog Romeinen 9 ter sprake. Daar bewijst Paulus met de voorbeelden van Ismaël en Ezau dat nakomelingschap naar het vlees in zichzelf geen waarde heeft. Desondanks maakt Paulus dit niet helemaal waareloos, de Joden waren wel de eerste die Gods belofte kregen, dat ze zelf het verbond braken is hun eigen ondankbaarheid, maar daarna komen pas de geestelijke nakomelingen van Abraham als ontijdig geborenen, als een tak geënt op een andere stam. Daarom mogen we het volk Israël niet verachten, desondanks ze strijd voeren tegen het Evangelie.
[15] Desondanks de verkiezing van God houdt Calvijn eraan vast dat de kinderen van de Joden geheiligd waren door hun ouders(Rom. 11:6) en dat dit ook in de Kerk geldt. Daarom is het gek om te stellen dat de besnijdenis een zinnebeeld was van de geestelijke wedergeboorte na de opstanding van Jezus. Het is in zekere zin wel zinnebeeldend, maar ook zeker wel letterlijk wat God belooft, net als in het tweede gebod.
[16] Andere verschillen zijn inqonsequent gehandeld, zoals de besnijdenis en de Doop die in de ene keer precies het tegenovergestelde betekenen als de andere keer. Er wordt gespeeld met de allegorische betekenis van de besnijdenis. De Doop zou een begrafenis zijn van mensen die al gestorven zijn. Het verwijt dat vrouwen niet gedoopt zouden mogen worden omdat alleen mannen besneden konden worden als spottende karikatuur van Calvijn weerlegd hij door de stellen dat de vrouwen in een andere manier deel hadden aan de besnijdenis dan fysiek.
[17] De tegenstanders menen een sterk argument te hebben als ze zeggen dat kinderen vanwege hun leeftijd niet snappen wat er in de Doop wordt aangeduid, wat dus de geestelijke wedergeboorte is die niet op die leeftijd kan plaats vinden. Calvijn redeneert dat de baby's dood zijn in hun zonden en dat Christus hun leven is, daarom moeten ze één worden met Hem. Hoe baby's worden wedergeboren is voor ons een mysterie, we kunnen het niet met ons verstand bevatten. Maar ze blijven door God gehaat als ze niet gerechtvaardigd worden. Uit de Bijbel blijkt met het verhaal van Johannes die in de baarmoeder opspringt dat God wel in die leeftijd kan werken. Want dat is de moederschoot die wordt bedoeld.
[18] De kinderjaren van Jezus laten zien dat de kindertijd niet tegenovergesteld is aan de heiliging. Het staat voor Calvijn vast dat geen enkele uitverkorene dit leven verlaat zonder wedergeboren te zijn. Dat mensen het onvergankelijke zaad van Gods prediking(1 Pet. 1:23) als tegenargument gebruiken is onterecht. dit gaat over gelovigen die door de prediking van het Evangelie onderwezen worden. Gods almacht moet niet aan banden gelegd worden.
[19] Ook de argumenten dat geloof uit het horen en begrijpen dus van de prediking komt, of dat Mozes zegt dat kinderen geen besef van goed en kwaad hebben(Deut. 1:39) wil Calvijn niet aan. Het eerste is de gebruikelijke manier, niet de enige manier die God Zichzelf oplegt als beperking. De tweede weerlegd hij door te zeggen dat er geen gevaar schuilt dat God op wonderlijke manier kinderen een klein vonkje geeft van wat Hij later in het volle licht zal openbaren. Alle onwetendheid zal pas verdwijnen met het verlaten van dit leven. Niet dat Calvijn wil speculeren over het soort geloof van dit soort, maar hij wil mensen niet de kans geven om alles zomaar te ontkennen.
Volgende week lezen we boek IV.16.20 - IV.16. 24
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[15] Desondanks de verkiezing van God houdt Calvijn eraan vast dat de kinderen van de Joden geheiligd waren door hun ouders(Rom. 11:6) en dat dit ook in de Kerk geldt. Daarom is het gek om te stellen dat de besnijdenis een zinnebeeld was van de geestelijke wedergeboorte na de opstanding van Jezus. Het is in zekere zin wel zinnebeeldend, maar ook zeker wel letterlijk wat God belooft, net als in het tweede gebod.
[16] Andere verschillen zijn inqonsequent gehandeld, zoals de besnijdenis en de Doop die in de ene keer precies het tegenovergestelde betekenen als de andere keer. Er wordt gespeeld met de allegorische betekenis van de besnijdenis. De Doop zou een begrafenis zijn van mensen die al gestorven zijn. Het verwijt dat vrouwen niet gedoopt zouden mogen worden omdat alleen mannen besneden konden worden als spottende karikatuur van Calvijn weerlegd hij door de stellen dat de vrouwen in een andere manier deel hadden aan de besnijdenis dan fysiek.
[17] De tegenstanders menen een sterk argument te hebben als ze zeggen dat kinderen vanwege hun leeftijd niet snappen wat er in de Doop wordt aangeduid, wat dus de geestelijke wedergeboorte is die niet op die leeftijd kan plaats vinden. Calvijn redeneert dat de baby's dood zijn in hun zonden en dat Christus hun leven is, daarom moeten ze één worden met Hem. Hoe baby's worden wedergeboren is voor ons een mysterie, we kunnen het niet met ons verstand bevatten. Maar ze blijven door God gehaat als ze niet gerechtvaardigd worden. Uit de Bijbel blijkt met het verhaal van Johannes die in de baarmoeder opspringt dat God wel in die leeftijd kan werken. Want dat is de moederschoot die wordt bedoeld.
[18] De kinderjaren van Jezus laten zien dat de kindertijd niet tegenovergesteld is aan de heiliging. Het staat voor Calvijn vast dat geen enkele uitverkorene dit leven verlaat zonder wedergeboren te zijn. Dat mensen het onvergankelijke zaad van Gods prediking(1 Pet. 1:23) als tegenargument gebruiken is onterecht. dit gaat over gelovigen die door de prediking van het Evangelie onderwezen worden. Gods almacht moet niet aan banden gelegd worden.
[19] Ook de argumenten dat geloof uit het horen en begrijpen dus van de prediking komt, of dat Mozes zegt dat kinderen geen besef van goed en kwaad hebben(Deut. 1:39) wil Calvijn niet aan. Het eerste is de gebruikelijke manier, niet de enige manier die God Zichzelf oplegt als beperking. De tweede weerlegd hij door te zeggen dat er geen gevaar schuilt dat God op wonderlijke manier kinderen een klein vonkje geeft van wat Hij later in het volle licht zal openbaren. Alle onwetendheid zal pas verdwijnen met het verlaten van dit leven. Niet dat Calvijn wil speculeren over het soort geloof van dit soort, maar hij wil mensen niet de kans geven om alles zomaar te ontkennen.
Volgende week lezen we boek IV.16.20 - IV.16. 24
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
donderdag 5 november 2015
05-11; IV.16.7 - IV.16.13
[7] Jezus roept de kinderen bij Zich, dus wie zijn wij dan om de kinderen niet te dopen. Als het een goede zaak is om kinderen bij Jezus te brengen, waarom zou het niet goed zijn om hen tot de Doop toe te laten, het teken van onze eenwording en gemeenschap met Christus? Het is onbillijk om dan de kinderen weg te jagen. Het gaat in de tekst om echte baby's en kleine kinderen die nog aan de borst waren. Het gaat om die concrete kinderen, niet voor iedereen als een kind.
[8] Zo wordt duidelijk dat de kinderdoop niet door mensen is bedacht. Degene die zeggen dat er niet in de bijbel staat dat er kinderen gedoopt werden moeten beseffen dat er nergens staat dat ze niet gedoopt werden wanneer een gezin gedoopt werd. Als we zo redeneren moeten we ook geen vrouwen toelaten tot het Avondmaal, omdat dit ook nergens in de bijbel staat. Maar onze leesregel laat zien voor wie het Avondmaal is ingesteld, ook voor vrouwen. Net als de Doop; wat het betekent laat zien voor wie het is, dus ook voor vrouwen.
[9] Wat voor een nut heeft de kinderdoop nu voor ouders en de kinderen zelf? voor de ouders is er stof om te roemen van de trouwe God die trouw wil zijn tot in het duizendste geslacht. Ook wordt de wederliefde aangespoord als God Zich over de kinderen ontfermt. Daarom moeten ouders hun kinderen meenemen naar de Kerk voor het teken van ontferming en te zien dat het verbond van de Heer in hun lichaam wordt gegrift. Voor de kinderen betekent het dat ze aan de grote zorg van andere gemeenteleden worden toevertrouwd ook worden ze aangespoord tot ernst omdat God hen heeft aangenomen toen ze zo jong waren dat ze Hem nog niet als hun Vader konden erkennen. In de laatste plaats zou iedereen zich bevreesd moeten weten voor de toorn van God voor wie het teken minacht.
[10] Er zijn dus wederdopers die de gelijkstelling van Doop en besnijdenis proberen te ontkrachten door te wijzen op grote verschillen ertussen. De zaken, de verbonden en de benaming kinderen zijn anders. Ze beweren dat de besnijdenis een beeld was van de afsterving en niet van de Doop, wat Calvijn hun gelijk geeft, want daarom kan hij zeggen dat de Doop ipv de besnijdenis is gekomen. Ze schilderen de Joden als beesten af en zeggen dat hun verbond alleen maar tijdelijke goederen betrof. Daarom was de besnijdenis een letterlijk teken en de beloften lichamelijk.
[11] Calvijn vindt dat ze dan hetzelfde moeten zeggen van de Doop. In Kol. 2 staat dat de Doop en besnijdenis dezelfde inhoud en vervulling hebben, aangezien ze het beeld zijn van dezelfde zaak. De eerste beloften van het verbond met de Joden waren geestelijk en hadden betrekking op het eeuwige leven. Meer hierover staat in II.10 waar Calvijn over het oude en nieuwe verbond schrijft.
[12] Het volgende argument was dat de kinderen van het OT de natuurlijke nakomelingen van Abraham waren en in het NT iedereen die zijn geloof navolgen. Zit een kern van waarheid in, vindt Calvijn, maar het is niet juist om te ontkennen dat aan de vleselijke kinderen van Abraham de geestelijke belofte was gegeven. We moeten hoger kijken.
[13] De grenzen van Gods koninkrijk staan nu open voor alle volken zonder onderscheid, maar in het begin had God het Joodse volk uitgekozen en als teken hiervan de besnijdenis gegeven ook ter versterking van de verwachting van het eeuwige leven. Maar juist in Rom. 4 laat de apostel zien dat allebei de groepen nakomelingen van Abraham even hoog worden geacht.
Morgen lezen we boek IV.16.14 - IV.16.19
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[8] Zo wordt duidelijk dat de kinderdoop niet door mensen is bedacht. Degene die zeggen dat er niet in de bijbel staat dat er kinderen gedoopt werden moeten beseffen dat er nergens staat dat ze niet gedoopt werden wanneer een gezin gedoopt werd. Als we zo redeneren moeten we ook geen vrouwen toelaten tot het Avondmaal, omdat dit ook nergens in de bijbel staat. Maar onze leesregel laat zien voor wie het Avondmaal is ingesteld, ook voor vrouwen. Net als de Doop; wat het betekent laat zien voor wie het is, dus ook voor vrouwen.
[9] Wat voor een nut heeft de kinderdoop nu voor ouders en de kinderen zelf? voor de ouders is er stof om te roemen van de trouwe God die trouw wil zijn tot in het duizendste geslacht. Ook wordt de wederliefde aangespoord als God Zich over de kinderen ontfermt. Daarom moeten ouders hun kinderen meenemen naar de Kerk voor het teken van ontferming en te zien dat het verbond van de Heer in hun lichaam wordt gegrift. Voor de kinderen betekent het dat ze aan de grote zorg van andere gemeenteleden worden toevertrouwd ook worden ze aangespoord tot ernst omdat God hen heeft aangenomen toen ze zo jong waren dat ze Hem nog niet als hun Vader konden erkennen. In de laatste plaats zou iedereen zich bevreesd moeten weten voor de toorn van God voor wie het teken minacht.
[10] Er zijn dus wederdopers die de gelijkstelling van Doop en besnijdenis proberen te ontkrachten door te wijzen op grote verschillen ertussen. De zaken, de verbonden en de benaming kinderen zijn anders. Ze beweren dat de besnijdenis een beeld was van de afsterving en niet van de Doop, wat Calvijn hun gelijk geeft, want daarom kan hij zeggen dat de Doop ipv de besnijdenis is gekomen. Ze schilderen de Joden als beesten af en zeggen dat hun verbond alleen maar tijdelijke goederen betrof. Daarom was de besnijdenis een letterlijk teken en de beloften lichamelijk.
[11] Calvijn vindt dat ze dan hetzelfde moeten zeggen van de Doop. In Kol. 2 staat dat de Doop en besnijdenis dezelfde inhoud en vervulling hebben, aangezien ze het beeld zijn van dezelfde zaak. De eerste beloften van het verbond met de Joden waren geestelijk en hadden betrekking op het eeuwige leven. Meer hierover staat in II.10 waar Calvijn over het oude en nieuwe verbond schrijft.
[12] Het volgende argument was dat de kinderen van het OT de natuurlijke nakomelingen van Abraham waren en in het NT iedereen die zijn geloof navolgen. Zit een kern van waarheid in, vindt Calvijn, maar het is niet juist om te ontkennen dat aan de vleselijke kinderen van Abraham de geestelijke belofte was gegeven. We moeten hoger kijken.
[13] De grenzen van Gods koninkrijk staan nu open voor alle volken zonder onderscheid, maar in het begin had God het Joodse volk uitgekozen en als teken hiervan de besnijdenis gegeven ook ter versterking van de verwachting van het eeuwige leven. Maar juist in Rom. 4 laat de apostel zien dat allebei de groepen nakomelingen van Abraham even hoog worden geacht.
Morgen lezen we boek IV.16.14 - IV.16.19
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
woensdag 4 november 2015
04-11; Boek IV.16.1 - IV.16.6
[1] Vroeger waren mensen die de kinderdoop afwezen gestoorde geesten. De mensen die dit doen beweren dat de kinderdoop een gewoonte is die mensen onnadenkend bij de Kerk hebben ingevoerd en niet is ingesteld door de Bijbel. Calvijn zal onderzoeken of dit zo is. Hebben ze gelijk dan moeten we afscheid nemen van de kinderdoop, hebben ze ongelijk, dan moet Calvijn oppassen om aan de instelling van God te tornen.
[2] Het wezenlijke van de uiterlijke ceremonie van de Doop is de belofte en de verborgen inwendigheden waarvan het een afbeelding is. Daar moet men zich op richten, niet op het teken in materiële zin. De Bijbel laat zien dat de Doop ten eerste de afwassing van zonde is, ten tweede de wedergeboorte en gemeenschap met Christus. En als laatste is het ook een teken voor andere mensen van onze godsdienst.
[3] Als Jezus zegt dat God een God van de levenden is, blijkt dat uit het Sacrament van de besnijdenis ook eeuwig leven zat. Dit zie je terug in de Doop waarin je door de vergeving van Zonden het eeuwige leven krijgt. Ook zit er de belofte bij de besnijdenis dat God bedingt dat Abraham heilig en zuiver voor Zijn aangezicht zal wandelen, wat hoort bij de tweede belofte van de Doop, de wedergeboorte. Mozes maakt al duidelijk dat het om de besnijdenis van het hart is en dat dit Gods genade is. En zowel besnijdenis als Doop hebben hun fundament in Christus.
[4] De besnijdenis heeft dus dezelfde belofte als de Doop, feitelijk verschillen beide eigenlijk alleen maar qua uiterlijke vormen, wat het minst belangrijke gedeelte van het Sacrament is.
[5] Je kan alleen bezwaren hebben volgens Calvijn tegen de kinderdoop als je alleen naar de uiterlijke zaken van de Doop kijkt. In de bijbel wordt duidelijk dat het uiterlijke teken van de besnijdenis aan het kind als een zegel zal dienen om de belofte van het verbond te bezegelen. Het Woord van de belofte is voor de kleine kinderen, dus waarom het teken van het Woord, dat erbij hoort als afgeleide, de kinderen te onthouden.
[6] God heeft Zijn genade in Christus niet verminderd, dus als Abraham de belofte kreeg en zijn kinderen mocht brengen in dit verbond, dan mogen wij als christenen dat zeker.
Morgen lezen we boek IV.16.7 - IV.16.13
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[2] Het wezenlijke van de uiterlijke ceremonie van de Doop is de belofte en de verborgen inwendigheden waarvan het een afbeelding is. Daar moet men zich op richten, niet op het teken in materiële zin. De Bijbel laat zien dat de Doop ten eerste de afwassing van zonde is, ten tweede de wedergeboorte en gemeenschap met Christus. En als laatste is het ook een teken voor andere mensen van onze godsdienst.
[3] Als Jezus zegt dat God een God van de levenden is, blijkt dat uit het Sacrament van de besnijdenis ook eeuwig leven zat. Dit zie je terug in de Doop waarin je door de vergeving van Zonden het eeuwige leven krijgt. Ook zit er de belofte bij de besnijdenis dat God bedingt dat Abraham heilig en zuiver voor Zijn aangezicht zal wandelen, wat hoort bij de tweede belofte van de Doop, de wedergeboorte. Mozes maakt al duidelijk dat het om de besnijdenis van het hart is en dat dit Gods genade is. En zowel besnijdenis als Doop hebben hun fundament in Christus.
[4] De besnijdenis heeft dus dezelfde belofte als de Doop, feitelijk verschillen beide eigenlijk alleen maar qua uiterlijke vormen, wat het minst belangrijke gedeelte van het Sacrament is.
[5] Je kan alleen bezwaren hebben volgens Calvijn tegen de kinderdoop als je alleen naar de uiterlijke zaken van de Doop kijkt. In de bijbel wordt duidelijk dat het uiterlijke teken van de besnijdenis aan het kind als een zegel zal dienen om de belofte van het verbond te bezegelen. Het Woord van de belofte is voor de kleine kinderen, dus waarom het teken van het Woord, dat erbij hoort als afgeleide, de kinderen te onthouden.
[6] God heeft Zijn genade in Christus niet verminderd, dus als Abraham de belofte kreeg en zijn kinderen mocht brengen in dit verbond, dan mogen wij als christenen dat zeker.
Morgen lezen we boek IV.16.7 - IV.16.13
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
dinsdag 3 november 2015
03-11; Boek IV.15.17 - IV.15.22
[17] De wederdopers vragen wat voor geloof er is nadat mensen gedoopt zijn om te bewijzen dat de Doop niet geldig is. Calvijn zegt dat de Dop en belofte is en dus geheiligd wordt als deze in geloof wordt aangenomen. Het kan dus zijn dat de belofte als het ware een tijd lang ligt begraven onder menselijk ongeloof, tot deze tot geloof komt. Maar het is net als de besnijdenis het teken van de belofte blijft staan en kan niet ongedaan worden door menselijk gedrag of opnieuw worden aangebracht, geen tweede besnijdenis, geen tweede Doop.
[18] Handelingen 19:2-7 speelt hier ook een rol. Als volgens Calvijn de doop van Johannes dezelfde is als het Sacrament van de Kerk, werden de mensen opnieuw gedoopt toen ze beseften wat het geloof inhield. Calvijn gaat ervan uit dat er wel doop staat, maar dat Paulus ze de hand oplegde om de zichtbare genadegave van de Heilige Geest te geven. Dat dit onduidelijk te maken is heeft te maken met het door Hebreeuws gekleurde Grieks van Lucas. Als de mensen van die tekstplaats opnieuw gedoopt moesten worden omdat ze nu het geloof echt snapten, moesten we vaker een tweede Doop tegenkomen, zoals bij de discipelen. Er zouden heel wat mensen twee Dopen hebben gehad.
[19] Calvijn zou graag willen dat de Doop volgens de instelling van Jezus werd gedaan zonder rituelen ernaast, zoals de bezweringsformule die uitgesproken wordt, iets met een waskaars en en zalving. Dat maakt het tot een toneelstuk en stompt af. Calvijn geeft een korte opsomming van wat er in een doopformulier bij ons vandaag staat, dat zouden we moeten doen. En onderdompeling, besprenkeling, al dan niet drie keer, maakt eigenlijk niet heel veel uit.
[20] De 'nooddoop' is Calvijn tegen, de Sacramenten zijn ingesteld om bedient te worden door ambtsdragers, de oude kerkvaders waren hier ook al ambivalent over. Er moet necht een goede reden voor zijn, anders is het onrechtmatig gebruik van andermans ambt. Vrouwen mogen sinds 255 niet dopen. De kinderen van gelovigen horen ook bij God. dat heeft God namelijk gezegd. Als het was dat kinderen zonder de Doop gegarandeerd verloren gingen, was de genade van het nieuwe verbond minder dan het oude verbond.
[21] Vrouwen mogen niet spreken, leren, dopen en offeren in de gemeente, dit is al sinds de tijd van Tertullianus zo. Epiphanius van Salamis verwijt Marcion dat hij vrouwen laat dopen. Zelfs de nooddoop wordt vrouwen ontzegt door Epiphanius. De moeder van Jezus zou zelfs niet gedoopt mogen hebben.
[22] Het voorbeeld van Zippora wordt aangehaald om te rechtvaardigen dat vrouwen mogen dopen. Onterecht, vindt Calvijn, anders moeten we alle instellingen van andere volken zien als God welgevallig en voorbeeld voor ons. Maar ook zou het bij de Doop anders liggen omdat dit expliciet aan de bediening van de apostelen is gekoppeld. Er waren nog geen priester met opdracht in de tijd van Mozes. Maar Calvijn denkt ook niet dat het een geloofsdaad van Ziporra was en dus zonde is, Ziporra doet het niet ter harte, maar God en Mozes verwijtend dat er bloed moet vloeien. Het gaat ook in tegen een eerdere belofte van God, dat het nageslacht van gelovigen ook bij God hoort. Het Sacrament is een teken van het verbond, en het verbond was er al eerder dan het teken daarvan.
Morgen lezen we boek IV.16.1 - IV.16.6
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[18] Handelingen 19:2-7 speelt hier ook een rol. Als volgens Calvijn de doop van Johannes dezelfde is als het Sacrament van de Kerk, werden de mensen opnieuw gedoopt toen ze beseften wat het geloof inhield. Calvijn gaat ervan uit dat er wel doop staat, maar dat Paulus ze de hand oplegde om de zichtbare genadegave van de Heilige Geest te geven. Dat dit onduidelijk te maken is heeft te maken met het door Hebreeuws gekleurde Grieks van Lucas. Als de mensen van die tekstplaats opnieuw gedoopt moesten worden omdat ze nu het geloof echt snapten, moesten we vaker een tweede Doop tegenkomen, zoals bij de discipelen. Er zouden heel wat mensen twee Dopen hebben gehad.
[19] Calvijn zou graag willen dat de Doop volgens de instelling van Jezus werd gedaan zonder rituelen ernaast, zoals de bezweringsformule die uitgesproken wordt, iets met een waskaars en en zalving. Dat maakt het tot een toneelstuk en stompt af. Calvijn geeft een korte opsomming van wat er in een doopformulier bij ons vandaag staat, dat zouden we moeten doen. En onderdompeling, besprenkeling, al dan niet drie keer, maakt eigenlijk niet heel veel uit.
[20] De 'nooddoop' is Calvijn tegen, de Sacramenten zijn ingesteld om bedient te worden door ambtsdragers, de oude kerkvaders waren hier ook al ambivalent over. Er moet necht een goede reden voor zijn, anders is het onrechtmatig gebruik van andermans ambt. Vrouwen mogen sinds 255 niet dopen. De kinderen van gelovigen horen ook bij God. dat heeft God namelijk gezegd. Als het was dat kinderen zonder de Doop gegarandeerd verloren gingen, was de genade van het nieuwe verbond minder dan het oude verbond.
[21] Vrouwen mogen niet spreken, leren, dopen en offeren in de gemeente, dit is al sinds de tijd van Tertullianus zo. Epiphanius van Salamis verwijt Marcion dat hij vrouwen laat dopen. Zelfs de nooddoop wordt vrouwen ontzegt door Epiphanius. De moeder van Jezus zou zelfs niet gedoopt mogen hebben.
[22] Het voorbeeld van Zippora wordt aangehaald om te rechtvaardigen dat vrouwen mogen dopen. Onterecht, vindt Calvijn, anders moeten we alle instellingen van andere volken zien als God welgevallig en voorbeeld voor ons. Maar ook zou het bij de Doop anders liggen omdat dit expliciet aan de bediening van de apostelen is gekoppeld. Er waren nog geen priester met opdracht in de tijd van Mozes. Maar Calvijn denkt ook niet dat het een geloofsdaad van Ziporra was en dus zonde is, Ziporra doet het niet ter harte, maar God en Mozes verwijtend dat er bloed moet vloeien. Het gaat ook in tegen een eerdere belofte van God, dat het nageslacht van gelovigen ook bij God hoort. Het Sacrament is een teken van het verbond, en het verbond was er al eerder dan het teken daarvan.
Morgen lezen we boek IV.16.1 - IV.16.6
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
maandag 2 november 2015
02-11; Boek IV.15.9 - IV.15.16
De 44ste week.
[9] In het OT waren de zaken van de Doop, doding en afwassing, al voorafgeschaduwd. In de doorgang door de Rode Zee liet God zien dat Hij ons uit de slavernij leidt. In de wolk van het volk in de woestijn laat Hij zien dat Jezus ons een verkoelende wolk is en de ondraaglijke toorn van de Vader van ons weghoudt.
[10] Het is een misverstand om te denken dat de Doop de erfzonde weghaalt. De erfzonde is namelijk het bederf van de menselijke natuur die op zichzelf al vloekwaardig is, en de bron van alle werken van het vlees is. De Doop is de verzekering dat deze vloek weggenomen is van de gedoopte.
[11] Ten tweede blijft de erfzonde telkens nieuwe vruchten of werken van het vlees naar voren brengen, dit houdt pas op met het afleggen van het sterfelijk lichaam. Dit is geen excuus om dan maar te blijven zondigen, maar ook geen reden om te wanhopen, wie al een klein beetje vooruitgang maakt boekt winst.
[12] Dit is wat wordt beschreven in Romeinen 7. Paulus zegt daar dat we bevrijd zijn uit de klem van de Wet om met Christus verbonden te worden. De Wet is er om ons de onmacht en ellende te belijden. Dit laat Paulus zien bij zichzelf waarin hij te maken heeft met de overblijfselen van de zonde in zijn lichaam. Deze verhinderen hem om de Wet geheel te gehoorzamen. Maar gelukkig is de gelovige niet meer onder de Wet en wordt hij van schuld en oordeel vrijgesproken.
[13] De Doop is ook een belijdenis tegenover andere mensen om te laten zien dat de gedoopte bij God hoort. Dit is wat Paulus bedoelt als hij de Korintiërs vraagt naar hun Doop(1:13).
[14] Nu e dit weten mogen we ervan overtuigt zijn dat in de Doop we gesterkt en gevoed worden, dat god tot ons spreekt en ons wast en ons aan de heerschappij van satan ontrukt en dat Jezus één met ons wordt. Dit is even zeker als het water dat wast of waar de dopeling in ondergedompeld wordt. Want dat is een Sacrament en dat is hoe Jezus tot ons wilt spreken.
[15] Zo werd Cornelius de hoofdman gedoopt tot meer zekerheid in zijn geloof. Paulus werd gedoopt om de vergeving van zonden gerust te aanvaarden. Het is zeker een krachtig handelen van God naar ons toe, maar puur als symbool genomen is het een teken van ons vertrouwen in Gods barmhartigheid, onze reinheid in Jezus en onze eensgezindheid in de Kerk.
[16] Het maakt niet uit wie de doop bedient, want het is ten diepste het handelen van God, net zoals het niet uitmaakt welke postbode een brief bezorgt. Dit was vroeger de dwaling van de donatisten en in Calvijns tijd de dwaling van de wederdopers. Ook in het pausdom werden mensen in de naam van de Drie-enige God gedoopt en was de Doop met dezelfde inhoud.
Morgen lezen we boek IV.15.17 - IV.15.17.22
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
[9] In het OT waren de zaken van de Doop, doding en afwassing, al voorafgeschaduwd. In de doorgang door de Rode Zee liet God zien dat Hij ons uit de slavernij leidt. In de wolk van het volk in de woestijn laat Hij zien dat Jezus ons een verkoelende wolk is en de ondraaglijke toorn van de Vader van ons weghoudt.
[10] Het is een misverstand om te denken dat de Doop de erfzonde weghaalt. De erfzonde is namelijk het bederf van de menselijke natuur die op zichzelf al vloekwaardig is, en de bron van alle werken van het vlees is. De Doop is de verzekering dat deze vloek weggenomen is van de gedoopte.
[11] Ten tweede blijft de erfzonde telkens nieuwe vruchten of werken van het vlees naar voren brengen, dit houdt pas op met het afleggen van het sterfelijk lichaam. Dit is geen excuus om dan maar te blijven zondigen, maar ook geen reden om te wanhopen, wie al een klein beetje vooruitgang maakt boekt winst.
[12] Dit is wat wordt beschreven in Romeinen 7. Paulus zegt daar dat we bevrijd zijn uit de klem van de Wet om met Christus verbonden te worden. De Wet is er om ons de onmacht en ellende te belijden. Dit laat Paulus zien bij zichzelf waarin hij te maken heeft met de overblijfselen van de zonde in zijn lichaam. Deze verhinderen hem om de Wet geheel te gehoorzamen. Maar gelukkig is de gelovige niet meer onder de Wet en wordt hij van schuld en oordeel vrijgesproken.
[13] De Doop is ook een belijdenis tegenover andere mensen om te laten zien dat de gedoopte bij God hoort. Dit is wat Paulus bedoelt als hij de Korintiërs vraagt naar hun Doop(1:13).
[14] Nu e dit weten mogen we ervan overtuigt zijn dat in de Doop we gesterkt en gevoed worden, dat god tot ons spreekt en ons wast en ons aan de heerschappij van satan ontrukt en dat Jezus één met ons wordt. Dit is even zeker als het water dat wast of waar de dopeling in ondergedompeld wordt. Want dat is een Sacrament en dat is hoe Jezus tot ons wilt spreken.
[15] Zo werd Cornelius de hoofdman gedoopt tot meer zekerheid in zijn geloof. Paulus werd gedoopt om de vergeving van zonden gerust te aanvaarden. Het is zeker een krachtig handelen van God naar ons toe, maar puur als symbool genomen is het een teken van ons vertrouwen in Gods barmhartigheid, onze reinheid in Jezus en onze eensgezindheid in de Kerk.
[16] Het maakt niet uit wie de doop bedient, want het is ten diepste het handelen van God, net zoals het niet uitmaakt welke postbode een brief bezorgt. Dit was vroeger de dwaling van de donatisten en in Calvijns tijd de dwaling van de wederdopers. Ook in het pausdom werden mensen in de naam van de Drie-enige God gedoopt en was de Doop met dezelfde inhoud.
Morgen lezen we boek IV.15.17 - IV.15.17.22
Lees deze en andere posts terug op lectiocalvini.blogspot.com
Abonneren op:
Posts (Atom)